www.loosjes.nl
Home
troonrede
Blikken koets
Obstakels
Staatsrecht
Patiëntendossier
About democracy
Freedom of Education
Creative financing
Saboterende overheid
Leerplichtwet 2008
Innovatieverbod
Belastingliberalisatie
Europese Grondwet
Ostende,1781
Publicaties
Contact
____
   


Europese Grondwet

1. Het beginsel van de rechtsstaat, dat wetten afkomstig zijn van een rechtstreeks gekozen wetgevend orgaan, is onderuit gehaald doordat alleen de Commissie het initiatief tot wetgeving mag nemen. (art. 26)

2. De vorming van onze nationale regering houdt enig verband met een verkiezingsuitslag. De Europese Commissie niet, die is een produkt van regeringsleiders. (art. 21, 27)

3. Er is op die manier geen scheiding tussen wetgever en bestuur in de zin van Montesquieu's trias politica. Een machtsevenwicht zoals bijvoorbeeld in het strafrecht tussen OM en verdachte, als voorwaarde voor rechtvaardigheid, ontbreekt. Het legaliteitsbeginsel wordt ontkracht.

4. De Europese raad, de Raad van ministers en de Commissie zijn door hun samenstelling een driekoppig bestuursorgaan. (art. 21, 23, 27) Ook hierin ontbreekt elk machtsevenwicht tegenover het tot klankbord gedegradeerde Europees Parlement.

5. Het Europees Parlement mag "kiezen" uit één kandidaat-voorzitter van de Commissie en mag alleen het vertrouwen in de Commissie als geheel opzeggen. Een welhaast onneembare barrière. (art. 27, 340)

6. De Commissie wordt samengesteld op grond van "algemene bekwaamheid, Europese inzet en waarborgen voor onafhankelijkheid". (art. 26) Hoe wordt dat beoordeeld, en door wie?

7. Toetsing van bestuurlijke regelgeving aan rechtsbeginselen zoals zorgvuldigheid, verbod op machtsmisbruik, willekeur, of het onnodig voorschrijven van middelen in plaats van doelen, laat staan aan een beginsel van morele aanvaardbaarheid, is niet mogelijk gemaakt.

8. De Europese Grondwet zou zijn "geïnspireerd door de wil van de burgers" (art. 1), zou "transparantie" beogen (art. 47, 52) en pretendeert een "ruimte voor vrijheid, veilIgheid en recht te zijn". (art. 3) Dit zijn loze kreten waarvan elk bewijs ontbreekt.

9. De Europese instellingen van art. 19 werken "loyaal samen". Als wij in onze Grondwet zouden zetten "De topman van noem-maar-op en de arbeiders werken loyaal samen" of "Het OM en de advocaat van verdachte werken loyaal samen" zou iedereen begrijpen wat voor onzin dat is.

10. De belangrijkste Europese instellingen, namelijk de Conventie aan de top en de comité's aan de basis, worden verzwegen of worden op de valreep uit de hoge hoed getoverd. (art. 19, 386 e.v., 443)

11. Het Economisch en Sociaal Comité wordt door de regeringen samengesteld in plaats van door de betrokken maatschappelijke geledingen. (art. 32, 390) Bovendien zijn consumenten- en milieuorganisaties daarin niet vertegenwoordigd.

12. Het wemelt van de procedures. En dat niet alleen: in 27 gevallen wordt het Europees Parlement slechts "geraadpleegd" en 16 keer slechts geïnformeerd, waarvan 4 keer "ten volle".

13. Als het Europees Parlement een wet weigert, volgt een achterdeur-constructie in de vorm van "bemiddeling" door een "comité" waarin de opponerende parlementsleden een minderheid vormen. (art. 396)

14. Economische belangen (prijsstabiliteit, vrij kapitaalverkeer enz. ) prevaleren boven recht, rechtvaardigheid en te beschermen waarden, net als bij de MKZ, de HSL en de Betuwelijn. Daarin verandert niets.

15. Het beginsel van vrije concurrentie maakt geen voorbehoud voor openbare nutsbedrijven, zodat bijvoorbeeld waterleiding, elektriciteitsnet, openbaar vervoer en ijkwezen geheel in buitenlandse handen geraken.

16. Door het ouderwets liberale kartelverbod worden ook constructieve vormen van samenwerking tussen bedrijven, zoals via "secretariaten", verboden en vervangen door ongeremde concurrentie, aanbodverschraling, faillissementen en harde overnames.

17. De Europese Bank is een staat binnen de staat; zij is onafhankelijk. (art. 30) De regeringsleiders regelen de benoemingen en het Europees Parlement wordt daarbij slechts "geraadpleegd". (art. 382) Voor algemene maatregelen ten dienste van prijsstabiliteit, open markt en vrije mededinging, hoeft zij het Europees Parlement niet eens te informeren. (art. 185, 188)

18. De Europese Grondwet formuleert beleidsuitgangspunten (zelfs het ruimtevaartbeleid wordt "uitgestippeld" art. 254), zodat het in feite een bij voorbaat verstard regeerakkoord is dat ook nog eens voor de lange termijn is vastgelegd.

18a. Nationale landbouworganisaties kunnen verplicht worden vervangen (art. 231) door een "gemeenschappelijke ordening" die gedwongen is zich te beperken (art. 228) tot "toename van de produktiviteit door technische vooruitgang" (art. 227) zodat duurzame en biologische landbouw op Europees niveau hun stem niet mogen laten horen. Wel de bio-industrie.

19. De Europese Grondwet verplicht ons de militaire vermogens "geleidelijk te verbeteren" (art. 41) en eist "onvoorwaardelijke steun aan het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid" (art. 294) onder leiding van een door de Commissie ingestelde Europese minister van buitenlandse zaken. (art. 40)

20. De rechters van het Hof van Justitie zijn niet onafhankelijk. Zij worden niet door de rechterlijke macht van een land benoemd maar door de nationale regeringen. Zij worden ook niet voor het leven benoemd, maar zijn voor hun herbenoeming eveneens van hun regering afhankelijk. (art. 29)

21. Herziening van de Grondwet is alleen mogelijk met medewerking van alle lidstaten of alle regeringsleiders. (art. 443) Uittreden uit de Unie is alleen mogelijk indien er een akkoord bereikt kan worden met een gekwalificeerde meerderheid van de Raad van Ministers. (art. 60) Daarnaast stelt een eveneens vereiste goedkeuring door het Europees Parlement niets meer voor.

22. Het niet-accepteren van de Europese Grondwet zou tot vertraging leiden. Daarmee wordt gesuggereerd dat er maar één route is naar een verenigd Europa, en wel de allerslechtste.

23. De Europese Grondwet is geen grondwet maar een handboek bureaucratie.

mr. Vincent Loosjes, 1 juni 2005

Het kan ook anders:
art. 1 solidariteit
Produkten die vervaardigd zijn onder omstandigheden die in het eigen land c.q. in landen van de Unie niet door de beugel kunnen, worden niet geïmporteerd, dan wel extra belast.

art. 2 trias politica
Europese wetten zijn slechts afkomstig van een rechtstreeks gekozen Europees Parlement dat de leiding heeft over een of meer wetgevingsbureau's. Europese beleidsregels dienen op een Europese wet te steunen en worden bij toepassing getoetst aan geschreven en ongeschreven rechtsbeginselen.

art. 3 petitie
Een ieder kan het Europees Parlement met wetsvoorstellen benaderen. De voorstellen dienen te worden ondersteund door minimaal honderd handtekeningen en worden op de agenda gezet zodra 15 % van de parlementsleden daar bij de voorzitter om heeft verzocht.

art. 4 draagvlak
De bij verkiezing van het Europees Parlement ongeldig en blanco uitgebrachte stemmen resulteren indien de kiesdeler is gehaald in lege zetels. Bij iedere stemming worden deze lege zetels als blanco stem geteld.

art. 5 flexibiliteit
Elk land kan een Europese wet voor haar niet van toepassing verklaren of later alsnog van toepassing verklaren.

art. 6 vrede
Geen enkel land kan tot deelname aan enige militaire actie worden verplicht. Ieder land van de Unie heeft het recht om onder diplomatieke bescherming met vreedzame middelen in enig geschil tussenbeide te komen.

art. 7 trias organica
Elk land van de Unie verschaft haar burgers het recht een deel van sommige belastinggelden zelf te bestemmen voor organisaties op cultureel-maatschappelijk gebied; onderwijs, kunst, wetenschap, medische voorzieningen, vluchtelingenopvang en informatiekanalen daaronder mede begrepen.

Print versie (pdf)